Jeugd

Een gezonde mond voor ieder kind!
Geen gaatjes en gezond tandvlees. Dat is toch wat je wilt voor je kind. Lange tijd leek het goed te gaan met de tanden van de kinderen in Nederland, maar we zien dat er nu geen verdere betering meer is. Helaas zien we bij (ook al heel jonge) kinderen gaatjes in het melkgebit. Jammer, want met goed tandenpoetsen, goede voedingsgewoonten en vanaf jonge leeftijd een bezoek aan de mondhygiënist kun je veel problemen voorkomen. Tot de leeftijd van 18 jaar worden de kosten voor een bezoek aan de mondhygiënist en tandarts vergoed uit de basis-zorgverzekering. Om de mondhygiënist te bezoeken is geen verwijzing van de tandarts nodig.

Kinderen met een gezond gebit hebben ook later als volwassene een grotere kans op een goed gebit, tenslotte is  jong geleerd , oud gedaan!

Kan mijn kind mee naar de mondhygiënist?

Ja natuurlijk, graag zelfs. Je gunt je kind immers een leven lang een gezonde, frisse mond. De mondhygiënist is dé professional om je daar als ouders in te begeleiden. Neem je kind gerust vanaf heel jong al mee. Bij dit bezoek zal de mondhygiënist informatie geven over het verkrijgen en behouden van een gezonde mond en samen met je kind  een goede manier van poetsen oefenen. Vaak zal gebruikt worden gemaakt van tandplakverklikker om plak op de tanden en kiezen zichtbaar te maken. Hoe eerder je leert hoe je echt goed moet poetsen, hoe meer profijt als je ouder wordt.

poetsbeest 2015 jongen

Van baby tot peuter
De ontwikkeling van het melkgebit start al in de zwangerschap. De eerste tandjes komen door op een leeftijd van 6-10 maanden. Tussen twee en twee-en-een-half jaar is het melkgebit compleet en bestaat dan  uit 20 tanden en kiezen  (zie het doorbreekschema hiernaast).
Vanaf het moment dat het eerste tandje is doorgekomen begin je met poetsen. Tot een leeftijd van ongeveer 2 jaar is 1 poetsbeurt per dag voldoende, vanaf 2 jaar twee keer per dag. Gebruik hiervoor een kleine tandenborstel met zachte haren en een fluoride houdende tandpasta die afgestemd is op de leeftijd van je kind. Maak hiermee kleine, zacht masserende, horizontale bewegingen over de tanden en het tandvlees.
Tandenpoetsen zal niet altijd gemakkelijk gaan maar is wel echt nodig. Om het wat makkelijker te maken kan je het beste zelf achter je kind gaan staan en het hoofdje op je handen laten rusten. Maar ook liggend op het bed is een mogelijkheid. Voor baby’s is het handigst om de tanden liggend op de commode te poetsen.

Wisselen van het melkgebit
Spannend, zo’n eerste tand die los zit! Voordat het wisselen begint liggen de blijvende tanden en kiezen al een tijdje klaar. Als het wisselen start groeien de blijvende tanden en kiezen  omhoog richting het melkgebit. Hierdoor zullen de melktanden gaan wiebelen. Het wisselen begint ongeveer op de leeftijd van 5 en duurt tot het 14e levensjaar. De eerste blijvende kies komt rond de leeftijd van 6 jaar achter de melkkiezen. Deze wordt met poetsen nogal eens vergeten, omdat hij ‘nieuw’ is en niet gewisseld wordt. Tussen ongeveer 18 en 24-jarige leeftijd kunnen er nog 4 verstandskiezen bijkomen. De blijvende tanden en kiezen zijn in de eerste periode (net na het doorbreken) gevoeliger voor het krijgen van gaatjes (cariës) en de groeven in de blijvende kiezen zijn lastig om goed schoon te houden. Het is daarom belangrijk om te blijven poetsen met een fluoride houdende tandpasta. Poets 2 keer per dag, 2 minuten. Langzaam kun je meer verantwoordelijkheid aan je kind geven door zelf te laten poetsen. Het is belangrijk dat er vanaf het begin een goede poetstechniek wordt aangeleerd. De mondhygiënist kan je hierbij begeleiden! Tot zeker 10 jaar is het belangrijk om als ouder minstens een keer per dag na te blijven poetsen, bij voorkeur ’s avonds. Gaan je kinderen uiteindelijk helemaal zelf poetsen blijf dan het tandenpoetsen regelmatig controleren en begeleiden.

Naast de mondverzorging, is voeding  belangrijk!
Cariës en tanderosie worden veelal veroorzaakt door verkeerde voedingsgewoonten. Al vanaf het moment dat de eerste tandjes doorkomen heeft de voeding invloed op het gebit.  Geef je borstvoeding, dan kan je dit op de reguliere manier blijven doen. Zorg ervoor dat als je geen borstvoeding geeft dat de voedingsproducten, geen of weinig suiker bevatten.
Vooral zuigflesjes en tuitbekers die gevuld worden met een suikerhoudende of zure drank en waar langdurig op gesabbeld wordt, kunnen problemen geven. Onder zure of suikerhoudende dranken verstaan we onder andere (kinder)limonades, vruchtensappen, yoghurtdranken, papjes én melk. Stap zo snel mogelijk over van een zuigfles naar een beker. Deze worden sneller leeg gedronken zodat problemen worden voorkomen. Geef vooral ook ’s nachts de fles niet mee naar bed en geef na het laatste tandenpoetsmoment niets meer te eten of te drinken, hooguit wat water.

We zien steeds vaker dat kinderen veel tussendoortjes te eten en te drinken krijgen. Deze tussendoortjes bevatten meestal veel suiker en zuren. Dit geldt zelfs voor  producten die  speciaal voor kinderen zijn gemaakt.  Ook op latere leeftijd worden er veel frisdranken en sportdranken genuttigd, drankjes die ook bol staan van suiker en zuur.  Leer je kinderen water te drinken. Hou je bij voorkeur aan maximaal 5 tot 7 eet- en drinkmomenten per dag.

 

NVM-mondhygiënisten
postbus 1166
3430 BD Nieuwegein
tel: 030-6571013
bureau@mondhygienisten.nl